Met het brouwzaalrendement weet je hoeveel suikers je uit mout kunt omzetten ten opzichte van de mogelijke opbrengst.

Brouwzaalrendement

leestijd: 3 minuten

Tijdens het maischen, filteren en spoelen worden suikers aan de mout onttrokken. Om aan te geven hoe efficiënt dit proces verloopt, kunnen we het brouwzaalrendement berekenen. Met dit rendement wordt de hoeveelheid van omgezette suikers uit de mout aangegeven.

Het brouwzaalrendement

Een groot deel van het zetmeel in de mout wordt tijdens het maischen omgezet in suikers. Wanneer er tijdens het maischen iets niet helemaal goed verloopt, dan zijn er mogelijk minder omgezette suikers. Dit betekent dat het brouwzaalrendement lager zal zijn.

Thuisbrouwers halen over het algemeen een rendement van 65%. Voor een professionele brouwer ligt dit percentage tussen de 75 en 80%.

Voordeel van een hoog rendement

Het hebben van een hoog rendement betekent dat er minder mout nodig is voor het brouwen van hetzelfde biertje. Het gebruik van minder mout, betekent dat er minder kosten gemaakt hoeven te worden.

Voor de thuisbrouwer is het nastreven van een hoog rendement niet heel relevant. Wel geeft het inzicht in hoe het maischen verloopt en mogelijk bijsturen kan resulteren in een iets hoger rendement.

Het brouwzaalrendement berekenen

Voor het berekenen van het rendement hebben we een aantal parameters nodig: het aantal liters wort na koelen (aantal liters). Het extractgehalte gemeten in °Plato en de hoeveelheid gestortte mout en granen in kg (storting).

brouwzaalrendement = (aantal liters * extractgehalte) / storting

Voorbeeld: We hebben 5 liter wort met een storting van 1,2 kg mout. Na het maischen hebben we een extractgehalte van 17 °Plato.

brouwzaalrendement = (5 * 17) / 1,2 = 70,8%

Toevoeging van suikers

Soms worden er tijdens het maischen suikers toegevoegd. Deze toevoeging mag niet meegerekend worden in het brouwzaalrendement. We moeten de toevoeging dus omrekenen naar °Plato en vervolgens aftrekken van het totale extractgehalte.

Het extractgehalte °Plato is berekend over het aantal gram opgeloste suikers per 100 mI aan vloeistof, in ons geval dus wort. De toevoeging moet dus omgerekend worden naar de hoeveelheid per 100 ml. Deze hoeveelheid is dus het aantal in °Plato.

Voorbeeld: We hebben 5 liter wort met een storting van 1,2 kg mout. We voegen 200 gram suiker toe. Na het maischen hebben we een extractgehalte van 17 °Plato. De toevoeging betekent echter dat we 200 gram suiker toevoegen per 5 liter = 5 gram per 100 ml wat dus 4°Plato.

brouwzaalrendement = (5 * (17 – 4)) / 1,2 = 54,1% 

Toepassen van het eigen rendement

Bij sommige recepten wordt het mogelijk te behalen rendement weergegeven. De hoeveelheid te gebruiken mout (storting in gram) moet worden aangepast op het eigen rendement. Wordt dit niet gedaan, dan kan het uiteindelijke bier een hoger of juist lager alcoholpercentage hebben.

aangepaste storting = ( storting * verwachtte rendement ) / eigen rendement

Voorbeeld: We hebben een recept voor 5 liter bier met een storting van 1,2 kg mout. Het verwachtte begin SG is 1060 en het verwachtte rendement is 70%. Echter het eigen rendement is 65%.

aangepaste storting = (1200 / 70) * 65 = 1292 gram

We hebben dus meer mout nodig om hetzelfde resultaat te hebben. Als we dit niet aanpassen dan zal het begin SG mogelijk lager komen te liggen. We kunnen dit berekenen met de volgende formule:

begin sg = ( 1000 + ((oorspronkelijk begin sg – 1000) / verwachtte rendement) * eigen rendement.

In ons geval zal dit het volgende worden.

begin sg = 1000 + ((60 / 70) * 65) = 1055

Invloeden op het brouwzaalrendement

De manier waarop de mout is geschroot kan invloed hebben. Klam schroten kan bijvoorbeeld het rendement met ongeveer 5 proces verhogen.

De maischmethode heeft ook invloed op het rendement. Sommige methodes zijn wat complexer of duren langer, maar deze leveren uiteindelijk wel meer suikers op.

Het gebruik van de brew-in-a bag methode heeft ook invloed. Het rendement ligt bijvoorbeeld wat lager, omdat de stap van filteren en spoelen wordt overgeslagen.

Tenslotte

Het kan fijn zijn om te weten wat je brouwzaalrendement is, maar het moet geen doel op zich gaan worden om dat rendement te verhogen. Een percentage tussen 65 en 70% is prima en kan wellicht met eenvoudige veranderingen iets verhoogd worden.

Het blijft natuurlijk altijd een kwestie van de zaken tegen elkaar af te wegen. Soms leveren kleine veranderingen een iets hoger rendement op, waarom zou je die dan niet doorvoeren.

Als je het daarentegen fijn vind om op een bepaalde manier te maischen, met een iets lager rendement als gevolg, waarom zou je dat dan veranderen?

Geef een reactie